Dat maakt initiatiefnemer Martijn Makkinga als eerste bekend in een interview met Almelo1. Achter de schermen zijn de voorbereidingen inmiddels begonnen voor een nieuwe editie van het evenement, dat Almelo opnieuw enkele dagen moet meenemen naar de tijd van Napoleon.

Volop aan het werk
Hoewel het nog bijna een jaar duurt voordat de historische kampementen opnieuw worden opgebouwd, is de organisatie al volop aan het werk. De eerste belangrijke knoop is inmiddels doorgehakt: het festival staat van vrijdag 21 tot en met zondag 23 mei 2027 op de internationale kalender.

“Dan hebben jullie de primeur, want niemand weet dat nog. Het is zojuist bepaald”, vertelt Makkinga (donderdagmiddag)

Martijn Makkinga

Flinke puzzel
Het vaststellen van de datum was volgens hem een flinke puzzel. De organisatie wil voorkomen dat het festival midden in de meivakantie valt. Daarnaast moet rekening worden gehouden met de internationale kalender van historische evenementen, omdat veel deelnemers ook actief zijn bij grote evenementen in andere Europese landen.

Educatieve programma
Nu de datum vaststaat, kan de verdere organisatie worden opgestart. Er is inmiddels een nieuwe fondsenwerver gevonden die de stichting gaat helpen bij het benaderen van fondsen en de provincie. Ook wordt gekeken naar de vorming van een sponsorcommissie. In september beginnen bovendien de eerste gesprekken met scholen over het educatieve programma.

Idee ontstond al rond 2005
Het Historisch Festival Almelo is inmiddels een begrip in de stad, maar het oorspronkelijke idee ontstond al rond 2005. Makkinga, geboren en getogen in Almelo, raakte op jonge leeftijd geïnteresseerd in geschiedenis. Een enthousiaste geschiedenisleraar speelde daarbij een belangrijke rol. Ook zijn vader had veel belangstelling voor het verleden.

Makkinga verdiepte zich vooral in de Eerste en Tweede Wereldoorlog en in de Napoleontische periode. Die laatste periode vormde uiteindelijk de basis voor het festival.

Lara Otte

Het eerste idee draaide om het bezoek van koning Lodewijk Napoleon aan Almelo. Tweehonderd jaar na dat bezoek wilde Makkinga daar iets mee doen, mogelijk gecombineerd met het naspelen van een historische veldslag.

Aanvankelijk werd voorzichtig onderzocht of daar belangstelling voor bestond. Rond 2009 en 2010 werden de plannen serieuzer. Het festival kon bovendien worden verbonden aan het jubileum rond 100 jaar Stad en Ambt Almelo.

De eerste editie volgde uiteindelijk in 2013. Inmiddels wordt het festival georganiseerd door een uitgebreid team en meer dan honderd vrijwilligers.

Bjorn van den Elst

Grootste Napoleontische evenement van Nederland
In de beginjaren moest Makkinga deelnemers nog actief overtuigen om naar Almelo te komen. De stad was immers geen locatie van een grote Napoleontische veldslag. De organisatie moest daarom iets bijzonders bieden om internationale groepen en re-enactors naar Twente te halen.

“We hebben gezegd: wij brengen echt iets unieks. Als deelnemer moet je naar Almelo komen, want wij gaan iets geweldigs voor jullie neerzetten.”

Door zelf deel te nemen aan historische evenementen in andere landen bouwde Makkinga een groot internationaal netwerk op. Langzaam maar zeker kreeg Almelo een vaste plek op de agenda van historische verenigingen.

Bjorn van den Elst

Volgens hem wordt het festival inmiddels opgenomen in de kalenders van de Nationale Napoleontische Associatie Nederland en internationale zusterverenigingen. Wanneer hij evenementen in het buitenland bezoekt, zoals Waterloo, wordt hij naar eigen zeggen regelmatig aangesproken als “Mister Almelo”.

“Dan zeggen mensen: volgend jaar ben ik er in Almelo weer bij. Die naam hebben we gelukkig opgebouwd.”

Volgens Makkinga is het Historisch Festival Almelo inmiddels verreweg het grootste Napoleontische evenement van Nederland. In Europa zijn er grotere producties, zoals de herdenkingen rond Waterloo en Leipzig, waar duizenden deelnemers op afkomen. Op de internationale kalender rekent hij Almelo tot de middelgrote historische evenementen.

“We doen goed mee in de strijd om de acteurs en deelnemers hiernaartoe te krijgen.”

Martijn Makkinga

Veel regels rond wapens en kruit
Voor bezoekers bestaat het festival uit historische kleding, kampementen, demonstraties en een grote veldslag. Achter de schermen gaat er echter een omvangrijke organisatie schuil.

De regels rond grote evenementen zijn de afgelopen jaren volgens Makkinga steeds strenger geworden. Bij het Historisch Festival komt daar nog bij dat tijdens de opvoeringen historische wapens en kruit worden gebruikt.

De organisatie moet daardoor onder meer rekening houden met de Wet wapens en munitie, regels rond leefmilieu en voorschriften voor de invoer en het vervoer van wapens en kruit. Ook zijn meerdere overheidsdiensten, de gemeente Almelo en de lokale politie bij de voorbereidingen betrokken.

“Dan heb ik het alleen nog maar over de veiligheid en het transport van wapens en kruit. Er komt verschrikkelijk veel bij kijken.”

De veiligheidsplannen vormen daarmee slechts één onderdeel van de organisatie. Daarnaast moeten deelnemers, vrijwilligers, scholen, sponsoren en fondsen worden benaderd en moet het volledige programma worden samengesteld.

Martijn Makkinga

Veel meer dan alleen de veldslag
De grote veldslag trekt tijdens het festival doorgaans de meeste bezoekers. Toch vindt Makkinga dat het programma daaromheen soms wordt onderschat.

Naast de veldslag zijn er historische kampementen waar bezoekers met re-enactors in gesprek kunnen. Ook zijn er onder meer koetsritten, rondleidingen, een roofvogelshow en een soldatenschool voor kinderen.

“Je kunt ’s morgens om elf uur komen en om vijf uur nog niet uitgekeken of uitgepraat zijn.”

Makkinga roept bezoekers daarom op om niet alleen voor de veldslag naar Almelo te komen. Wie eerder komt, kan de kampementen bezoeken, vragen stellen aan de deelnemers en zich echt onderdompelen in het leven uit de Napoleontische tijd.

“Ga letterlijk de kampementen af. Praat met de re-enactors en ga in die beleving zitten. Kijk vooral ook naar wat we nog meer bieden en geniet langer.”

Voor 2027 blijft de basis van het festival volgens hem overeind, maar de organisatie wil opnieuw nieuwe onderdelen toevoegen. Wat die vernieuwingen precies worden, wordt later bekendgemaakt.

Bjorn van den Elst

Ruim 2.000 kinderen bereikt
Een van de belangrijkste onderdelen van het Historisch Festival vindt niet alleen op het festivalterrein plaats. In de periode voorafgaand aan het evenement bezoeken deelnemers en vrijwilligers basisscholen.

Daarmee worden volgens Makkinga meer dan 2.000 basisschoolleerlingen bereikt. Sommige scholen organiseren rond het bezoek zelfs een volledige themaweek over de Franse tijd.

Tijdens de lessen verschijnt bijvoorbeeld een soldaat in historische kleding voor de klas. Kinderen kunnen historische voorwerpen bekijken en soms een musket vasthouden. Daardoor wordt geschiedenis volgens Makkinga tastbaar.

“Kinderen vinden het stoer als er ineens een soldaat voor de klas staat. De leraren zien dat ze geschiedenis opeens heel leuk vinden.”

Bjorn van den Elst

De leerlingen spelen volgens hem ook een belangrijke rol bij het trekken van bezoekers. Na het schoolbezoek gaan zij enthousiast naar huis en vragen zij hun ouders om samen naar het festival te gaan.

Het onderwijsproject is inmiddels een essentieel onderdeel van de organisatie. Ook fondsen, de provincie Overijssel en de gemeente Almelo hechten volgens Makkinga veel waarde aan het educatieve karakter.

Gratis evenement met begroting van 150.000 euro
Het Historisch Festival Almelo is gratis toegankelijk. Dat is een bewuste keuze, maar volgens Makkinga ook een grote financiële uitdaging.

De bruto begroting bedraagt ongeveer 150.000 euro. De organisatie is daardoor afhankelijk van fondsen, subsidies, sponsoren en de inzet van vrijwilligers. Ook publiciteit via lokale en regionale media is belangrijk, omdat er geen groot reclamebudget beschikbaar is.

“We kunnen tienduizenden euro’s aan advertenties besteden, maar dat geld hebben we niet. Alles gaat naar het evenement.”

Volgens Makkinga behoort het festival tot de drie grootste evenementen van Almelo. Dat bezoekers geen entree hoeven te betalen, is alleen mogelijk doordat verschillende partijen financieel bijdragen.

“Elders betaal je voor zo’n evenement gemakkelijk twintig euro entree. Bij ons kost het niets.”

Lara Otte

Ambulance volledig nagebouwd
Makkinga is vooral trots op het educatieve programma, dat voor iedere editie verder wordt ontwikkeld. Zo worden steeds nieuwe onderwerpen uit de Napoleontische tijd toegevoegd aan het lesmateriaal.

Ook de historische ambulance die tijdens het festival te zien is, heeft voor hem een bijzondere betekenis. De organisatie heeft het voertuig zelf op ware grootte nagebouwd aan de hand van oude tekeningen.

“Niemand doet dat. Wij hebben dat met elkaar voor elkaar gekregen.”

De ambulance verwijst naar de ontwikkeling van medische hulp op het slagveld in de tijd van Napoleon. Volgens Makkinga laat het voertuig precies zien waar het festival voor staat: geschiedenis niet alleen vertellen, maar ook zichtbaar en beleefbaar maken.

Daarnaast is hij trots op de meer dan honderd vrijwilligers die zich voor het evenement inzetten.

“Als je tijdens een vrijwilligersavond honderd mensen ziet zitten die zich allemaal voor het festival willen inzetten, dan doet dat wel iets met je.”

Bjorn van den Elst

Franse tijd nog altijd zichtbaar
Volgens Makkinga is de Napoleontische tijd sterk onderbelicht, terwijl veel zaken uit die periode nog altijd onderdeel zijn van het dagelijks leven.

Hij noemt onder meer de invoering van huisnummers, achternamen, het rechts rijden, de douane en ontwikkelingen binnen de medische zorg. Ook het burgerlijk wetboek en ideeën over vrijheid, gelijkheid en gelijke rechten kregen in deze periode vorm.

“Er zijn in betrekkelijk korte tijd enorm veel maatschappelijke veranderingen doorgevoerd waar we nog steeds profijt van hebben.”

Juist die combinatie van grote maatschappelijke veranderingen en persoonlijke verhalen maakt de periode volgens hem interessant.

Ook in Almelo en Twente werden de Fransen volgens Makkinga in 1795 aanvankelijk toegejuicht. Dat maakt deze periode volgens hem niet te vergelijken met de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Bjorn van den Elst

Bijna honderd Almeloërs in Franse leger
Een weinig bekend deel van de Almelose geschiedenis is volgens Makkinga dat bijna honderd jongens uit de stad in het Franse leger hebben gediend.

Almelo telde destijds ongeveer 3.000 inwoners. Een deel van de militairen meldde zich vrijwillig, omdat het leger een relatief goed bestaan bood. Nadat in 1811 de dienstplicht werd ingevoerd, werden jonge mannen ook verplicht opgeroepen.

Gezonde mannen vanaf 21 jaar die werden goedgekeurd en door loting werden aangewezen, moesten in militaire dienst.

Volgens Makkinga zijn veel van deze Almelose militairen niet teruggekeerd. Sommigen namen zelfs deel aan de Slag bij Waterloo. Toch is er volgens hem weinig aandacht geweest voor hun verhaal.

“Die jongens zijn nooit geëerd en er is heel weinig over bekend. Wij hebben veel van die informatie uit de archieven kunnen halen.”

Het festival wil ook deze vergeten geschiedenis onder de aandacht brengen. Makkinga zou graag eens met een van die soldaten spreken, mocht hij een historische persoon uit Almelo kunnen ontmoeten.

“Ik zou willen weten hoe het toen echt was, en dat van hemzelf willen horen.”

Bjorn van den Elst

Brieven na eerste editie
Een van de momenten waarop Makkinga besefte hoeveel het festival voor bezoekers betekende, kwam na de eerste editie in 2013.

Hij ontving toen bedankbrieven van mensen die hij helemaal niet kende. Ook de reacties van kinderen, ouders en scholen maakten indruk.

“De blije kinderen en de blije gezichten, daar doen we het voor. Mensen vermaken en ze ondertussen ook iets leren.”

Dat is ook waar hij voor de editie van 2027 het meest naar uitkijkt: kinderen die enthousiast rondlopen op het kinderplein, bezoekers die genieten en deelnemers die opnieuw met veel energie naar Almelo komen.

De organisatie wil daarom vasthouden aan de onderdelen die zich hebben bewezen, maar tegelijkertijd blijven vernieuwen.

Bjorn van den Elst

Eerste gesprekken beginnen in september
De komende maanden wordt het programma voor 2027 verder uitgewerkt. De nieuwe fondsenwerver gaat aan de slag, er wordt gezocht naar sponsors en in september beginnen de gesprekken met scholen.

Ook worden de contacten met nationale en internationale deelnemers verder aangehaald. Doordat de datum nu officieel op de internationale kalender staat, kunnen re-enactors en historische verenigingen rekening houden met hun komst naar Almelo.

Voor bezoekers is de belangrijkste informatie voorlopig duidelijk: het Historisch Festival Almelo vindt in 2027 plaats op vrijdag 21, zaterdag 22 en zondag 23 mei.