Sommige mensen weten al vroeg wat ze later willen doen: voor Nicolette Zuiderwijk begon dat als kind, tijdens de kindercursus bij het voormalig Creatief Centrum. Inmiddels werkt ze al jaren met klei, geeft ze les aan verschillende groepen én ziet ze van dichtbij wat keramiek met mensen kan doen: het is creatief, rustgevend en soms zelfs een beetje therapeutisch.
1) Wat was het moment waarop je wist: keramiek, daar wil ik iets mee gaan doen?
“Eigenlijk begint het verhaal iets anders. Ik was bevoorrecht dat ik als kind op de kindercursus mocht bij het voormalig Creatief Centrum. Toen dacht ik: als ik later groot ben, wil ik graag bij het Creatief Centrum werken. Daarvoor had je de opleiding, de kunstacademie.”
“Toen ik 18 was deed ik toelating en ik werd aangenomen. In het 1e jaar mocht je alle vakken uitproberen: grafiek en architectuur. En toen kwam ik tot de ontdekking — en eigenlijk wist ik dat al als kind — dat ik klei heel erg leuk vond. Dus toen heb ik de keus gemaakt om voor keramiek te gaan.”
2) Kun je uitleggen wat keramiek precies is?
“Keramiek is werken met klei en het afwerken en mooi maken met glazuur.”
3) Wat is glazuur en hoe breng je dat aan?
“Glazuur is eigenlijk een glanzende laag die na het stoken op je scherf kun je aanbrengen. Dat kan door kwasten, dompelen of spuiten. En in die stook verandert die poederlaag in een glaslaag. Dan krijg je een mooie glanslaag op je werk.”
4) Hoe werkt het stoken: wat gebeurt er met klei in de oven?
“Je maakt een voorwerp van klei en die wordt eerst gebakken in de biscuitstook (de eerste stook in de oven van 1000 – 1200 graden, waarin het klei voldoende hard wordt en nog geglazuurd kan worden). Dan verandert de klei in steen. Daarna ga je pas een kleurtje aanbrengen en dan wordt het nog een keer gebakken.”
5) Welke techniek of vorm vind je zelf het mooiste om te maken?
“Eigenlijk vind ik alles leuk, want met klei kan je heel veel dingen doen. Potten bakken, met de hand opbouwen, met platen werken, gieten met gietmallen … Ik zeg altijd: ik heb het mooiste beroep van heel Almelo.”
6) Je geeft les aan veel groepen. Wat doe je allemaal?
“Ik heb op dit moment 4 keramiekgroepen en daarnaast geef ik kinderles. Ik heb twee kinderateliers, een jongerengroep en verder allerlei kunstlessen. En ik ben handvaardigheidsdocent, vakleerkracht op een basisschool in Enschede. Ik zit helemaal in dat creatieve gebeuren.”
7) Wat schenkt jou het meeste voldoening: zelf maken of lesgeven?
“Wat ik bijzonder vind, is als mensen ontdekken dat klei goed voelt. Je kan er je emoties in uiten, het is kneedbaar. Maar het mooiste vind ik: mensen komen met een idee, bijvoorbeeld potten bakken omdat dat ‘in’ is, en dan ontdekken ze dat dieren boetseren eigenlijk nog veel leuker is. Dat ze ontdekken wat ze leuk vinden, wat hun handschrift is, waar ze zich fijn bij voelen. Dat vind ik heel bijzonder.”
8) Wat is moeilijk aan boetseren?
“Je mag geen lucht in de klei boetseren, want dan ploft je werkstuk uit elkaar in de oven. En klei is een hele trage hobby: je moet het tijd geven om op te stijven en te drogen. Schilderen gaat sneller, keramiek is trager — dat kan lastig zijn.”
9) Werken met klei wordt vaak ‘therapeutisch’ genoemd. Herken je dat?
“Zeker. Dat maak ik vooral met kinderen mee. Ik geef les in Enschede en ik weet precies welke kinderen gestrest zijn: die geef je een stukje klei. Bij sommige kinderen is die klei met één minuut droog — die hebben warme handen. Dan geef je ze gewoon 3 of 4 stukjes klei en je ziet ze rustiger worden. Daarom is werken met klei ook heel therapeutisch en tegelijkertijd ook heel aards.”
10) Wat is het grootste misverstand over keramiek?
“Je ziet op TikTok filmpjes van mensen die even een potje draaien of een oven inpakken, en het lijkt heel makkelijk. Veel mensen denken: oh, dat kan ik ook. Maar potten bakken moet je echt leren. Daar gaan ook heel vaak dingen mis. Dat gebeurt zelfs mij nog, en ik werk al 26 jaar met mensen.”
Slot
Voor Nicolette is keramiek veel meer dan “iets maken van klei”. Het gaat om ontdekken wat bij je past, leren omgaan met traag en eerlijk materiaal, en merken dat creatief bezig zijn je rust én zelfvertrouwen kan geven. En misschien is dat wel precies waarom mensen blijven terugkomen: niet alleen voor een mooi werkstuk, maar voor een goed gevoel.




