Wandelen in het groen
Het landgoed is grotendeels opengesteld voor publiek en trekt veel wandelaars die genieten van slingerende paden en weidse uitzichten langs bosjes hagen en lanen. Terwijl het gebied onder de Natuurschoonwet valt, zijn het huis zelf en het park direct eromheen niet toegankelijk. Opvallend is dat het hoofdgebouw samen met het koetshuis, personeelswoningen en de moestuin de status van rijksmonument hebben.

Rijke geschiedenis
De oorsprong van de Bellinckhof gaat terug tot de middeleeuwen. Toen stond het gebied bekend als Vogelzang en het werd al in 1394 genoemd als leengoed van de bisschop van Utrecht. Later kreeg het de naam Bellinckhof naar de toenmalige eigenaren waarbij het uitgroeide tot een van de grotere huizen in de regio. In de achttiende eeuw raakte het echter in verval en verloor het zijn status als havezate.

Nieuwe buitenplaats
In het begin van de twintigste eeuw kreeg het gebied nieuw leven toen Johannes ten Cate het terrein aankocht en in 1919 een nieuw landhuis liet bouwen naar ontwerp van Karel Muller. De tuin werd aangelegd door Leonard Springer die bestaande bomen wist te behouden en zo een parkachtig landschap creëerde dat nog altijd herkenbaar is.

Bijzondere periode
In de nadagen van de Tweede Wereldoorlog kreeg de Bellinckhof een opvallende rol toen Anton Mussert er korte tijd verbleef na zijn vertrek uit Utrecht. Tegenwoordig is het landhuis nog altijd in bezit van de familie Ten Cate en vormt het landgoed een geliefde plek voor rust en natuur in Almelo.